Het Corpus Hermeticum
De Weg van Hermes

Agathos Daimon

 

De oorsprong van Agathos Daimon (ἀγαθὸς δαίμων) wordt betwist. Sommige deskundigen beweren dat hij oorspronkelijk misschien een psychopompos was; iemand die de zielen van de overledenen begeleidde.

Daarnaast werd Agathos Daimon ook aanbeden als de beschermgod van Alexandrië, wiens cultus waarschijnlijk door Alexander zelf was opgericht.

Zijn functie als beschermende godheid zorgde er ook voor dat Agathos Daimon met Sarapis werd geïdentificeerd. Bovendien stond hij bekend als een god van fortuin geassocieerd met Τυχὴ Ἀγαθή, die op zijn beurt ook werd geïdentificeerd als Isis en Sarapis.

De associatie van Agathos Daimon met twee psychopompossen (Hermes en Dyonisos) kan worden gevonden in de beschrijving van de god door de Grieks-Egyptische alchemist Zosimos van Panopolis.

Zosimos ontmoette de god in een droom en hoorde dat Agathos Daimon ‘een geest en een beschermer van geesten’ was.

In het Corpus Hermeticum verschijnt Agathos Daimon eerder als een referentie dan als een actieve gesprekspartner (dit komt alleen voor in CH. XII). Hij wordt twee keer genoemd als een autoriteit in CH. XII, 1 en 13.

In de gehele hermetica is Agathos Daimon de enige meester van Hermes Trismegistus naast Poimandres / Nous.

Agathos Daimon werd aan het begin van onze jaartelling vaak afgebeeld als een gehoornde slang. Mogelijk is er een verband tussen Agathos Daimon, die de leermeester van Hermes was, met de slang in het paradijs, die de leermeester van Adam en Eva was. In het oorspronkelijke christendom werd deze slang niet geassocieerd met het kwaad.

 

Het overnemen van tekst is niet toegestaan